Opinie | Robert Hompe – scheidend
secretaris/penningmeester Stichting Cross Media Service Limburg &
hoofdredacteur Sjtadsomroop Remunj
De gemeenteraad van Roermond kiest ervoor om zich aan te sluiten bij een
toekomstige streekomroep.
Op papier klinkt dat als samenwerking en efficiëntie.
In werkelijkheid bestaat die streekomroep nog helemaal niet — en het
beschikbare geld is zelfs niet genoeg om een fatsoenlijke lokale omroep te
laten draaien.
Roermond ontvangt jaarlijks slechts €47.500 van het Rijk voor lokale publieke
media. Dat bedrag moet volstaan voor alles: redactie, techniek, uitzendingen,
studio, journalistiek en communicatie.
Er komt géén cent bij van de gemeente zelf. Het is enkel het doorgeven van de
landelijke bijdrage, zonder lokale aanvulling of ondersteuning.
De gemeenteraad geeft het bedrag alleen door en heeft zich nog nooit serieus
hoeven buigen over de lokale omroep.
Eens in de vijf jaar komt het onderwerp formeel langs — een procedure, een klap
erop, en door.
Hoe het daarna ging, of het überhaupt werkte, dat leek niemand
echt te interesseren.
Er was immers nauwelijks iets te zien, en wat je niet ziet, mis je ook niet.
Een lokale omroep run je niet met vrijwilligers en goodwill alleen. Zelfs de
basisvoorzieningen kosten al een veelvoud van die €47.500.
Alleen al huisvesting, apparatuur, energie, verzekering en basisjournalistiek
vragen structureel tussen de €45.000 en €55.000 per jaar.
Zonder professionele leiding, technische ondersteuning en continuïteit is dat
onhaalbaar.
De raad zou zich daar best schuldig over mogen voelen.
Men weet al jaren dat
dit bedrag veel te laag is, maar doet alsof het wel goed komt.
De keuze om het probleem door te schuiven naar een niet-bestaande streekomroep
is bestuurlijke gemakzucht in optima forma.
In de praktijk werkt het anders — en dat laten wij zien.
Lees morgen deel 2: “De praktijk – hoe Sjtadsomroop Remunj met nul subsidie een
complete omroep bouwde.”