ROERMOND - Opvliegers, slecht slapen, moodswings, een korter lontje: de overgang is voor veel vrouwen een pittige levensfase. Ook partners, kinderen, vriendinnen en collega’s merken vaak dat er iets speelt, maar weten lang niet altijd hoe ze daarmee om moeten gaan.
Dat blijkt ook uit nieuw onderzoek van Hallmark en GRAPES. Voor dat onderzoek deelden ruim 2200 Nederlanders hun ervaringen met de overgang: vrouwen zelf, maar ook de mensen om hen heen.
Impact
De meeste mensen willen het juiste doen voor een vrouw in de overgang. Zo zegt 86 procent van de omgeving dat luisteren voor hen de belangrijkste manier van steunen is. Toch geven vrouwen zelf aan dat ze vooral behoefte hebben aan iets anders: erkenning dat deze fase écht impact heeft, begrip voor wat ze emotioneel doormaken en soms simpelweg wat meer ruimte. Goedbedoeld dus, maar niet altijd helemaal raak.
Vriendinnen
Vriendinnen lijken de overgang vaak moeiteloos aan te voelen, maar voor partners is dat een stuk lastiger. Waar 77 procent van de vriendinnen zegt de omgang met een vrouw in de overgang helemaal niet moeilijk te vinden, geldt dat slechts voor een minderheid van de partners: 60 procent ervaart die periode juist als lastig. Die partners lopen vooral aan tegen stemmingswisselingen, veranderend gedrag en het gevoel dat ze niet goed weten hoe ze kunnen helpen. Dat voelen de vrouwen zelf ook haarfijn aan: slechts 35 procent heeft het idee dat haar partner écht goed begrijpt wat de overgang met haar doet.
Betrokkenheid
Ook binnen gezinnen blijkt de overgang een onderwerp waar nog veel winst te behalen valt. Hoewel veel moeders het belangrijk vinden dat hun kinderen begrijpen wat ze doormaken, bespreekt slechts 36 procent dit ook echt met hen. Wat blijkt? Liefst 62 procent van de kinderen begrijpt de overgang niet of nauwelijks. Tegelijkertijd is er wél betrokkenheid: maar liefst 92 procent heeft zich al eens online verdiept in de overgang om hun moeder beter te begrijpen. Kinderen willen dus wel, maar weten vaak niet goed hoe.
Humor
Hoewel er tegenwoordig vaker over de overgang wordt gesproken, werkt het oude stilzwijgen nog altijd door. Bijna 60 procent van de vrouwen groeide op met een moeder of oma die er nooit openlijk over sprak. Die cultuur van relativeren en doorgaan klinkt nog steeds door in hoe vrouwen met hun eigen klachten omgaan. Tegelijkertijd lijken dochters van nu er steeds opener over te praten dan de generaties voor hen. Zo gebruikt 44 procent van de vrouwen humor om de overgang luchtiger te maken. Een grapje over een opvlieger of een kort lontje helpt om de spanning te verlagen, maar heeft ook een keerzijde. Bijna een kwart van de vrouwen (23 procent) voelt zich door diezelfde humor achteraf minder serieus genomen door de omgeving. Humor kan dus helpen om ermee om te gaan, maar ook verhullen wat iemand werkelijk voelt.
Meer resultaten van het onderzoek over de overgang
vind je hier.