Roermond heeft de afgelopen twintig jaar elf rijksdiensten verloren en voelt zich daardoor benadeeld. De gemeente riep minister van Binnenlandse Zaken Judith Uitermark op om actie te ondernemen en nieuwe rijksdiensten naar de stad te brengen. Tweede Kamerlid Wijen-Nass (BBB) stelde hierover Kamervragen, waarop de minister nu heeft geantwoord.
Diverse rijksdiensten, waaronder het Kadaster, de Arbeidsinspectie, het Openbaar Ministerie en de Belastingdienst, zijn de afgelopen twee decennia uit Roermond vertrokken. Dit heeft volgens de gemeente geleid tot een verlies van ongeveer duizend banen en een negatieve impact op de lokale economie en demografie. Daarnaast benadrukt Roermond dat er sprake is van leegstand op prominente locaties, zoals het voormalige belastingkantoor aan de Godsweerdersingel.
In haar antwoord op de Kamervragen erkent minister Uitermark dat de spreiding van rijksdiensten over het land een punt van aandacht is. Ze verwijst naar een eerder onderzoek waaruit blijkt dat de rijkswerkgelegenheid in elf van de twaalf provincies is toegenomen, met uitzondering van Limburg. De minister noemt dit een signaal dat serieus genomen moet worden en geeft aan dat er gekeken wordt naar de mogelijkheid om rijksdiensten beter te verdelen over Nederland.
Hoewel de minister begrip toont voor de zorgen van Roermond, doet zij geen concrete toezeggingen. Ze stelt dat de rijksoverheid momenteel bezig is met een bredere evaluatie van de spreiding van rijksdiensten en dat Roermond in dat kader wordt meegenomen. De beslissing over de herverdeling van rijksdiensten hangt echter af van diverse factoren, waaronder de beschikbaarheid van geschikte panden en de efficiëntie van een eventuele verhuizing.
Het college van B en W van Roermond laat weten dat het gesprek met het ministerie slechts een eerste stap is. De gemeente is van plan om actief te blijven lobbyen voor de terugkeer van rijksdiensten en zal daarbij nadrukkelijk wijzen op de bestaande infrastructuur, zoals het leegstaande belastingkantoor aan de Godsweerdersingel.
Voor nu blijft het afwachten of de inspanningen van de gemeente en de Kamervragen daadwerkelijk leiden tot een heroverweging van het rijksbeleid en de terugkeer van overheidsdiensten naar Roermond.