De kosmos van Danny Danker: De orgelman van Remunj

01 mei , 9:26Kunst & Cultuur
WhatsApp Image 2026-05-01 at 00.40.03
Voor de verkiezingen was hij nog heel optimistisch. Dat kan aan het toeval liggen of aan de overwegend positieve peptalk die hij van de heen- en weergoden kreeg. Maar hoe dan ook, hij had er weer aard in zoals ze dat zeggen.
Alfons, sinds jaar en dag een begrip. De verwezenlijking van nostalgie. Zijn centenbakje precies op de maat van de voor de Roermondenaar bekende klanken van het draaiorgel.
Na de steun van de heen- en weergoden voelde hij zich gedragen. En ook het Roermondse publiek sprak hem aan omdat ze met hem meegeleefd hadden toen zijn vergunningen in het geding kwamen. In het voorbij komen in de dagen erna deelden ze de opluchting met de man, die fier bevestigend knikte dat zijn gebeden klaarblijkelijk verhoord werden. Hij werd blijkbaar toch gezien, erkend als zijnde een soort van publiek erfgoed en met hervonden kracht rechtte hij zijn rug en torste zijn draaiorgel met nog meer bestaanskracht naar de vertrouwde vergunde straten.
Maar ach… zoals de wind kan draaien, zo draaide ook de luim van de heen- en weergoden. Hij werd ontboden en men liet toch doorschemeren dat hij weliswaar vergund werd, maar dat het draaiorgel toch minder vergund werd dan het volume had. De oren van menig Roermondenaar waren immers niet meer zo tolerant. Dertig minuten tolerantie zat er nog net in, een beetje meer naar links dan minder naar rechts.
Onthutst over dit verwarrende relaas - medegedeeld door de afgezanten van de heen- en weergoden - wist Alfons nu geen raad meer met deze dualistische uitkomst van het uitsluitsel. Hij zocht een luisterend oor bij de pers. Dat stemde de heen- en weergoden ongunstig. De man moest niet zeuren. Er was hem toch duidelijk gemaakt dat hem, weliswaar met mitsen en maren, gewoon als vanouds gegund werd wat hij gewoon was.
Maar Alfons was niet gek. Dus hij bedacht een list. Zijn draaiorgel werd een nostalgische silent disco. Hij had zo’n setje headphones gekocht die hij de mensen die recht voor het orgel stonden aanreikte en een enkeling nam deze headphones tussen het halen van de soep en de aardappelen ook aan. In eerste instantie stemde dat de heen- en weergoden gunstig. Tot het gemor van de Roermondenaar het oorspronkelijke geluid van het orgel overstemde. Zo’n orgel waar geen geluid uit kwam als je zo’n driehonderd meter verderop stond. Waar geen enkele klank je tegemoet kwam in het benaderen en in het voorbijlopen ook het langzaam afsterven ervan werd gemist. Dat heeft toch geen pas, zo’n orgel zonder geluid. De Roermondenaar wil meer dan opschmuck. Die wil inhoud, nostalgie. En zo werd Alfons misschien wel voor het eerst als hele mens gezien. Hij was nu niet alleen maar deel van het straatbeeld. Hij was een mens, van vlees en bloed. Een mens met een passie, kinderen, familie en vrienden. Een man die zijn passie wilde uitdragen maar dat niet langer alleen kon. Ook híj moest nu gedragen worden. De list had gewerkt. De heen- en weergoden wankelden nu hun woorden overstemd werden door de stilte van het orgel. Het ethisch kompas lag voor hen. Aan het westen van het kompas de richting van het woord, aan de oostzijde de klanken. ‘Oost, west, thuis best’, zou je zeggen. Want balans moet er zijn.
Enfin. Tot zover het fictieve verloop.
Maar voordat het orgel over moet gaan tot headphones om gezien te worden, voordat de orgelman niet moet zeuren volgens de heen- en weergoden: zou het niet mooi zijn om hem zijn bestaansrecht te gunnen. En dat kan alleen door hem zijn passie te vergunnen. Door degenen die in de toch al aflatende tolerantiegrens van de huidige tijdgeest vergeten zijn dat tolerantie wederkerig is er even op te wijzen dat je niet door een angst voor overlast gedreven hoeft te zijn. Dat tolerantie verdraagzaamheid behelst. Dat het goed is een ander de ruimte te geven de lucht te vullen met klanken die zelfs je opa zich kan herinneren. Dat mag best meewegen. Moge dat centenbakje nog lang meebewegen in het ritme van de stad. Die Bananenboxer mocht ook al niet meer van ‘één, twee, drie, vierrrrrrr sinaasappels, en nog een, en nog een… ‘.  De omwonenden hadden er immers ‘last van’.
Het wordt zo wel heel stil in de stad. Te stil, als je het mij vraagt. Wat jij?
D.D.
Uw Poëtisch Pelgrim
loading

Loading articles...

Loading